Reisverslag Betoverend Japan


Ga naar: Home  Japan  Foto's


Japan > De filosofen route

Ik word relatief laat wakker. Ik had de wekker niet gezet, maar had verwacht wel wakker te worden van andere reizigers op de slaapzaal. Niet dus. Waarschijnlijk omdat veel anderen ook uitslapen, maar ook omdat de cabins goed geïsoleerd zijn. Ik neem koffie bij de Excelsior bar direct naast het hotel. Het ontbijt in het hotel stelt niet zoveel voor. Daarna wandel ik in een klein half uurtje naar het Nijo kasteel. Met de bouw van het kasteel werd in 1543 gestart tijdens het Edo tijdperk. Bij de ingang verzoekt men om de schoenen uit te doen. Terwijl ik op blote voeten over de vloeren loop, hoor ik een piepend geluid. De vloer is zo ontworpen dat er een nachtegaal-achtig geluid klinkt als er overheen gelopen wordt. Er wordt mij uitgelegd, dat het ontwoprne is, om ongenode gasten op te merken. De kamers zijn voorzien van fraai Japans schilderwerk. Vogels, dieren en bomen. De beste schilders zijn hier destijds voor gevraagd. Het geeft het kasteel meer sfeer dan het eerder bezochte kasteel van Himeji. Ook de achterliggende tuin is prachtig. Waterpartijen, rotsen, kleine dennenbomen en een waterval.
De filosofenroute
Als het niet zo warm was zou het een prima plek zijn om te vertoeven. Ik duik snel de metro in voor verkoeling. Ik reis met de metro naar het oosten van de stad. Hier begint bij de Nanzen-ji tempel de filosofen route. Een wandeling langs een klein kanaaltje onder de kersenbomen door. In het voorjaar moet het hier prachtig zijn als de bomen in bloei staan. De tweeverdiepingen hoge Sanmon (toegangspoort) van het Nanzen-ji complex is indrukwekkend. Het bakstenen aquaduct uit eind 19de eeuw valt wat uit de toon, maar is misschien daardoor wel heel bijzonder. Er stroomt nog steeds water over het aquaduct. Ik laat de tuinen en de tempel zelf voor gezien. Ik volg het kanaal van de filosofen route. Vroeger liep een filosoof deze route dagelijks om in conditie te blijven. Bij de Hoden-in tempel verlaat ik het pad. Tegen de bergen en onder een dichte bossage ligt de kleine tempel van de Jodosekte. Het grind in de tuinen is in vormen aangeharkt. Boven mij betrekt de lucht. Ik hoor donder in de verte. Zou ik de Ginkaku-ji tempel nog droog halen? Ik heb helemaal geen regenbescherming meegenomen. Zelfs geen plastic zakje voor mijn camera en paspoort. Lang hoef ik niet op een antwoord te wachten. Nog geen vijf minuten later begint het te regenen. Ik passeer net een klein restaurantje. Snel ga ik naar binnen. Ik bestel een sandwich en een cola, terwijl buiten een stortbui los breekt. Ik had niet geweten wat te doen als ik nu nog buiten gelopen had. Na de bui ga ik weer op pad. De stenen zijn wat glad geworden. Voorzichtig loop ik door. Bij de Ginkaku-ji tempel maken de souvenirverkopers hun kraampjes weer droog. De toeristenstroom komt weer op gang. Het zilveren paviljoen is voor veel Japanners een meesterwerk in tuinarchitectuur. Het paviljoen stamt uit de 14de eeuw. Van het bedekken van het dak met zilver, in navolging van het gouden paviljoen in Kinkaku-ji, is het nooit gekomen. Ik volg de wandelroute door de tuinen. Via trappen kom ik langs een uitkijkpunt over de stad. Ik zie Kyoto liggen, maar zie ook de donkere wolken boven de stad. Het duurt niet lang of het gaat opnieuw regenen. Snel ga ik terug. Voor de tempel staat een rij mensen. Ik neem aan voor de bus. Twee Italiaanse meisjes leggen mij uit hoe de bus rijdt en hoe ik kan betalen.
Een vriendelijk onthaal in een restaurant
Ik rijd mee tot de wijk Gion. Daarvandaan loop ik terug naar mijn hotel. Gelukkig hebben alle grote warenhuizen langs deze straat afdakjes. Het is weer gaan spetteren. Voor de avond wandel ik bewust een stukje de andere kant op. Weg van het toeristische Pontochostraatje. Ik passeer kleine restaurantjes. Er is hier niets meer in het Engels aangegeven. Op goed geluk stap ik een eetgelegenheid binnen. Eventueel alleen voor een biertje. Ik mag aan de eetbar plaats nemen. Ik kijk uit op de keuken. Iemand rent naar boven om de handgeschreven Engelse menukaart te halen. Ik bestel specifieke Kyoto gerechten, al heb ik geen idee wat ik precies ga krijgen. Met mijn bier roep ik 'kanpai' (proost) naar de mannen naast mij. Iedereen moet lachen. Waar ik vandaan kom? Wat ik van Japan vind? En hoe lang ik nog in Kyoto blijf? Het gesprek gaat met handen en voeten, want eigenlijk spreekt er niemand Engels. We gaan op de foto. De overige gasten en het personeel verdringen zich om er ook op te komen. De man naast mij verontschuldigt zich dat hij weg moet. Hij vindt het zichtbaar jammer. Net als ik ook weg wil gaan, krijg ik een bier aangeboden. De man aan de bar is jarig geweest, begrijp ik. Het licht gaat uit en er komt een taart binnen met kaarsjes. Hij staat er op dat ik mee eet. Nog een fotootje, nog een selfie. De vertaalapp werkt ook hilarisch. Ik denk 'mag ik afrekenen?' ingetypt te hebben, maar uit de reacties begrijp ik dat er staat 'betaal jij?'. Bij het verlaten van het restaurant lopen twee mannen mee naar buiten. We omhelzen elkaar. Wat een gastvrijheid en wat is dit zoveel leuker dan in de meer op toeristen gerichte eetgelegenheden. Met een bijzonder gevoel kruip ik weer in mijn cabin. Ik begin al aardig te wennen aan mij kamertje van één bij twee meter.


Vorige  Volgende  

Reacties op 'Betoverend Japan':


Reacties:

Er zijn nog geen reacties gegeven op dit bericht

Reisverslag

Afscheid van Brutus (Dag 101)
De tempels van Tokyo (Dag 102)
De Shibuya crossing (Dag 103)
Met 300 km/pu naar Kyoto (Dag 104)
Het Gouden paviljoen (Dag 105)
De tempel van Nara (Dag 106)
De filosofen route (Dag 107)
Het Daimonji Bonfire fest.. (Dag 108)
Per trein naar Osaka (Dag 109)
Het strand van Suma (Dag 110)
Het Osaka Castle (Dag 111)
Walvishaaien en dolfijnen (Dag 112)
Vaarwel Japan (Dag 113)


Reisroute