
Home > Brazilië > Uruguay, Argentinië en Brazilië > Reisverslag dag 22
26 sept - 20 okt 2019 (25 dagen)
Om iets voor acht uur sta ik klaar op de pier van Ilha Grande, samen met de medereizigers. Ik neem de veerboot naar Conceição. Omdat wij met eenentwintig personen reizen, wordt een extra boot speciaal voor ons ingezet. De boot is kleiner dan de boot op de heenweg naar het eiland. Het voordeel is dat er nu zicht is over de rand van de boot. Net als op de heenweg wordt de bagage tussen de stoelen opgestapeld. In een half uurtje vaart de boot naar Conceição. Hier staat een bus gereed. Naar verwachting is het nog twee uur rijden tot Rio de Janeiro, maar daarna zeker nog één uur om door de stad bij het hotel te komen. Buiten zie ik de groene omgeving van de kust langzaam veranderen in meer industrie en voorsteden. De stad Rio de Janeiro was sinds de onafhankelijkheid in 1822 tot 1960 de hoofdstad van Brazilië. Men besloot toen om Brasilia tot hoofdstad uit te roepen. Een stad die meer centraal in het land ligt. Rio bleef echter de belangrijkste stad van het land. In de stad wonen naar schatting zes miljoen inwoners. Met alle voorsteden meegerekend zelfs zestien miljoen. Bij het naderen van de stad wordt het ook drukker op de weg. Auto's wringen zich van baan naar baan om maar iets sneller vooruit te komen. De buitenwijken van de stad zien er vervallen uit. Eenvoudige huizen, leegstaande gebouwen en veel graffiti. Ik vind het opvallend dat de graffiti niet alleen op de straatmuren gespoten is, maar veelal ook tot vijf meter hoogte. Hoe zou dit gedaan zijn? Langzaam rijdt de bus door de stad. Ik passeer de oude historische stad en rijd via de brede boulevards naar de wijk Copacabana. In de nabijheid van dit beroemde strand ligt het hotel. Ik zie de palmbomen, het strand en een flinke golfslag. Wat geweldig om hier te zijn! Rond het middaguur arriveer ik bij het hotel. De kamers zijn al beschikbaar. Een meevaller! Ik leg mijn bagage op de kamer en wandel Copacabana in. Rio heeft niet de reputatie een veilige stad te zijn. Zakkenrollen en overvallen op toeristen komen vaak voor. Ik laat voor de zekerheid alle waardevolle spullen in het hotel. Bij een bakkerszaakje bestel ik een broodje en wat te drinken.
Daarna wandel ik naar het strand. Het is lekker zonnig weer. Informatieborden geven aan dat het dertig graden is momenteel. Ik loop over het strand naar de zee. Direct word ik benaderd door verkopers. Of ik een stoel wil huren, een parasol, of ik T-shirts wil kopen, zonnebrillen of caipirinha wil drinken. Ik sla alles af en neem plaats op een terras aan de boulevard voor een biertje. Terwijl ik er van drink kijk ik uit over Copacabana beach. Heerlijk! In de namiddag gaan we met de groep naar de Pão de Açúcar, de Suikerbroodberg. Vanaf deze karakteristieke rotspunt aan het begin van de baai, heb je een mooi uitzicht over Rio de Janeiro. Met vijf taxi's rijden we naar de ingang van de kabelbaan. Een cabine brengt mij naar het eerste plateau. Vanaf deze bergpunt heb ik al mooi zicht op het centrum. De zon staat misschien verkeerd. Voor de foto's is er nogal tegenlicht. De zon zakt al aan de horizon. Met een tweede gondel ga ik verder naar de 396 meter hoge Suikerbroodberg. Ik zie Copacabana beach liggen, de boulevard waar ik eerder gereden heb, de oude stad en de schepen in de baai van Rio. Ik zie alleen het beroemde Christusbeeld nog niet. Het enorme standbeeld van 38 meter hoogte op een rotspunt zou toch zichtbaar moeten zijn? Het moet in de wolken liggen. Naarmate de zon zakt, neemt de bewolking af. Het Christusbeeld verschijnt tussen de wolken. Het staat verder weg dan ik verwacht had, maar het aanzicht is mooi. Het duurt nog even voordat de zonsondergang een feit is. Ik bestel een bier. Precies gelijktijdig loop ik met een Griekse jongen naar een tafel. Wie was eerst? We besluiten de tafel te delen. Hij is half Turks en half Grieks, hij woont in Porto en bezoekt zijn vriendin in Buenos Aires, vertelt hij. Omdat hij tijd over had bij zijn overstap in San Paulo, is hij voor 24 uur naar Rio gevlogen.
Vannacht vliegt hij weer terug. We wisselen reiservaringen uit en hij nodigt mij uit in het pension van zijn vader in Turkije. Een leuke toevallige ontmoeting. Rond half zeven zakt het laatste stukje zon achter de bergen. Er klinkt applaus op de berg van de honderden toeschouwers. Ik weet eigenlijk niet waarom? Na de zonsondergang wordt de stad eigenlijk nog mooier. Ik zie steeds meer lichtjes aan gaan onder mij. Aan de horizon staat het Christusbeeld wit uitgelicht op de berg. 's Avonds eten we typisch Braziliaans. Naast het salade buffet, komen obers met vleesspiesen langs de tafel. Door een kaartje van rood naar groen te draaien kun je aangeven of je meer vlees wenst.