
Home > Mexico > Rondreis Mexico > Reisverslag dag 9
11 februari - 1 maart 2025 (19 dagen)
Rond half negen vertrekken we vanuit het hotel lopend naar de bus. De bus staat op dezelfde plaats, waar we twee dagen geleden uitgestapt zijn. Vanochtend gaan we twee bergdorpen van de Maya’s bezoeken. In deze steden hecht men veel waarde aan de tradities en alleen mensen vanuit de gemeenschap worden getolereerd om zich hier te vestigen. De dorpjes liggen in de vallei rond San Cristobal. Na een half uurtje rijden arriveren we in het plaatsje Zinacantán. Wanneer we binnenrijden is Zinacantán groter dan ik verwacht had. Er leven hier 4.000 inwoners. Op het plein verkopen mensen fruit vanuit de achterbak van een auto. Aan de overzijde bevinden zich de gebruikelijke kleine winkeltjes. We stappen uit bij de kerk. De kerk staat op een heuveltje en steekt boven de stad uit. Voor de Spaanse overheersing had Zinacantán al nauwe banden met de Azteken. Tijdens de Spaanse overheersing werd een ander geloof dan Katholiek niet toegestaan. Toch wisten de Maya’s hun eigen geloof te continueren. De kerk biedt een combinatie van het Maya geloof en het Katholicisme. Rond het altaar in de kerk hangen knipperende kerstlampjes. De verschillende kleuren knipperen zenuwachtig rond de heilige beelden. Achter inde kerk hangen led slingers, die wij normaal bij de Action zouden kopen. Enkele families zijn aan het bidden in de kerk. Zij zitten op de grond. Uit respect voor het Maya geloof mogen in de kerk geen foto’s gemaakt worden. De Maya’s geloven dat dan een stukje van hun ziel verloren gaat, wanneer foto’s gemaakt worden. Tegenover de kerk bezoeken we een woonhuis en winkeltje. Bij een altaar in het huis wordt uitgelegd dat in Zinacantán veel religieuze feesten gevierd worden. De inwoners kiezen uit hun midden een groep van Martomoetiks, die verantwoordelijk zijn voor de organisatie van de kerkelijke ceremoniën. Dit gaat volgens een strikte hiërarchie. De Martomoetik is verantwoordelijk om alles te kopen dat nodig is voor zo’n feest.
Hij zorgt voor bijvoorbeeld voor de aankleding van de beelden in de kerk en het tijdig verversen van de bloemen. De Martomoetik is een erebaan, maar kost veel geld. Achter het huis ligt een winkeltje. Vrouwen weven hier handmatig de kleurrijke kleden. Een arbeidsintensief proces. Ik heb geen belangstelling om hier iets te kopen en wandel wat door de straatjes. Wanneer ik in een winkeltje een cola koop, reageert de verkoper enthousiast wanneer hij hoort dat ik uit Holland kom. Er volgt een stortvloed aan Spaanse woorden. Ik herken nog net dat hij zijn naam noemt. Ik het Spaans vertel ik hem hoe ik heet. De groep is uit gewinkeld en keert terug naar de bus. Het tweede dorpje, San Juan Chamula, dat we bezoeken, is nog traditioneler dan Zinacantán. Vanaf het parkeerterrein aan de rand van het centrum, lopen we naar de kerk.
De kerk van San Juan Chamula volgt nog echt de Maya rituelen. Op de vloer van de kerk liggen groene dennennaalden. Links en rechts staan verschillende altaren voor de Maya-goden. Door werkzaamheden staan de altaren aan de linkerzijde wat meer naar het midden. Families zitten op de grond voor een altaar. Zij hebben de naalden wat opzijgeschoven en met kaarsvet kaarsen op de vloer geplaatst. Hele rijen aaneengesloten kaarsen branden. De combinatie brandende kaarsen en dennennaalden lijkt mij extreem brandgevaarlijk, maar hier lijkt niemand zich om te bekommeren. Ook rond de altaars staan vele honderden kommetjes met brandende kaarsen. In de kerk hangt dan ook een walm van de kaarsen. Het plafond is compleet zwart geblakerd. Het is enerzijds heel bijzonder om de Maya kerk en de Maya rituelen te mogen bekijken, maar anderzijds voelt het ook vreemd om zo tussen de biddende mensen door te lopen. Ik zal het beeld van de kerk en de gewoontes goed in mijn geheugen moeten opslaan, want ook hier is het niet gepast (en toegestaan) om foto’s te maken.
Na het indrukwekkende bezoek aan San Juan Chamula rijden we weer terug naar San Cristobal de Las Casas. Wanneer we de stad binnenrijden, hangen donkere wolken boven de stad. We stappen uit aan de rand van het centrum, tot waar de bus mag komen. We lopen de markthal in. Hier zitten kleine winkeltjes dicht op elkaar gepakt. Doordat het wat buiten het centrum ligt, zijn de kraampjes niet op toeristen gericht. Aan de andere zijde bevinden zich kleine restaurantjes. Ieder portaal heeft een eigen keukentje met vier tafeltjes. Wij bestellen iets te eten en te drinken bij Cocina no 4. Terwijl we op ons eten wachten gaat net de school uit. Eén grote groep kinderen in schooluniform trekt voorbij. Hopelijk zijn zij op tijd thuis, want er breekt een flinke bui los. Iedereen zoekt een schuilplek. Gelukkig zitten wij onder een afdak. De lunch smaakt goed, maar is niet heel bijzonder. Na de lunch blijven we nog even zitten. Het regent nog altijd en het regent flink door. Na een uurtje wordt het droger. Op weg naar het hotel zien we het water met grote hoeveelheden door de straten stromen. Het is goed uitkijken niet nat gespetterd te worden door passerende auto’s. We komen bij een kruispunt dat geheel onder water staat. Om droog over te komen, klim ik via een treeplank van een geparkeerde auto naar het midden van de straat. Winkels hebben schotten geplaatst om te voorkomen dat het opspattende water de winkel in stroomt. Tegen vier uur arriveer ik weer bij het hotel. Ik besluit dat ik voldoende van de stad genoten heb en trek mij even terug op de hotelkamer. Waarschijnlijk hebben meerdere reisgenoten zo’n gevoel. We besluiten ‘s avonds gewoon in het hotel te gaan eten. Wel zo lekker makkelijk.