
Home > Bhutan > Rondreis Bhutan > Reisverslag dag 6
28 oktober - 6 november 2023 (10 dagen)
Al vroeg in de ochtend maken de duiven buiten een hels kabaal. Ik neem een douche. Gelukkig geeft de boiler heerlijk warm water. Bij het ontbijt staat rijst, pannenkoekjes en omelet gereed. Ik zie ook een pot pindakaas. Ik besmeer mijn pannenkoek hiermee. Na het ontbijt nemen we afscheid van de familie en lopen terug naar de hangbrug. De bagage is al met de kruiwagen naar de auto gebracht. Vandaag rijden we nog een klein stukje oostelijker naar de Phobjikha vallei. Hiervoor moeten we de Lawala bergpas oversteken. Een bergpas op 3.080 meter. Eerst volgen we de Puna Tsang Chu rivier. Net buiten Punakha ligt de Wangdue Phodrang Dzong. Deze Dzong is in 2012 getroffen door een brand. Door de ligging op een rotspunt kon men de brand moeilijk bestrijden en werd het gehele fort, inclusief het klooster en tempels, verwoest. Met behulp van financiële steun vanuit Japan kon het klooster in zo’n vier jaar herbouwd worden. Bij het naderen van het fort valt het Rinchen op dat veel mensen in traditionele kleding op straat lopen. Er is iets gaande, zegt hij. Hij vraag Gelle te keren. Even verderop blijkt iedereen samen te komen voor een Boeddhistische bijeenkomst. Een Lama gaat voor in het gebed en de honderden aanwezigen herhalen de mantra’s. Rinchen legt uit dat dit een vijf daags evenement is. Vandaag is de vierde dag. Het gebed gaat de hele dag door en voor eten en drinken wordt gezorgd.
Naast de tempel wordt in grote pannen het eten klaar gemaakt. Een groep vrijwilligers wast en snijdt de groente. Bij de Wangdue Phodrang Dzong is het rustiger. De meeste monniken zijn bij het festival aanwezig. Direct wanneer ik door de poort loop, zie ik dat het kloosterfort prachtig tot in de kleinste details herbouwd is. De schilderingen, het houtsnijwerk en de decoraties lijken authentiek. Rond de eerste binnenplaats liggen de administratieve kantoren. Dit heb ik ook in de Punakha Dzong gezien. Bij de tweede binnenplaats begint het klooster. Aan weerszijde zijn kleine verblijven voor de monniken. De Dzong herbergt in totaal zeventien tempels. Soms kleine ter ere van een specifieke God en enkele grotere tempels. Achter in het complex bevindt zich de grootste tempel. Ik trek mijn schoenen uit en betreed de tempel. Rondom wederom veel afbeeldingen van Boeddha. In het midden staan weer de grote standbeelden van Guru Rinpoche, die het Boeddhisme naar Bhutan bracht, Boeddha zelf en Ngawang Namgyal, de stichter van de Bhutaanse staat. Rinchen neemt ons nog mee naar een tweede tempel. Deze tempel is gewijd aan de stichter. Een groot beeld staat midden in de tempel. De kroon is gemaakt van 35 kilo goud, verzekert Rinchen ons. Rondom de tempel staan honderden kleine afbeeldingen van Ngawang Namgyal. Het complex is prachtig gerestaureerd. Ook is men voorbereid op toekomstige branden. Overal hangen brandmelders, brandblussers en zelfs enkele brandspuiten. Ik denk dat dit goed is. Wanneer we teruglopen worden we streng aangesproken door een oudere monnik.
We moeten met de klok mee naar de uitgang lopen volgens Boeddhistisch gebruik. Vanaf het Wangdue Phodrang Dzong rijden we naar de Lawala bergpas. Via de bochtige wegen stijgen we snel in hoogte. Gelle doet zijn best om de kuilen te ontwijken en om de bochten voor ons niet oncomfortabel te maken. Voor ons gevoel rijdt het in een slakkengangetje naar boven. Rinchen legt uit dat de maximale snelheid op bergwegen veertig kilometer per uur is. Alleen op de doorgaande weg tussen Paro en Thimphu mag vijftig gereden worden. Voor de smallere bergwegen geldt een limiet van dertig. Dit geeft ons de mogelijkheden om van de omgeving te genieten. Vooral het diepe dal is prachtig. Net voor de top stoppen we voor de lunch. In het restaurant zijn alle tafeltjes bezet door toeristen. Het echtpaar uit Siri Lanka die gisterochtend bij ons aan het ontbijt zat, zijn ook aanwezig. Waarschijnlijk zie ik hen vanavond weer in het hotel in Gangtey. Het buffet smaakt er niet minder om. Op de Lawala bergpas staat een stoepa en volop kleurrijke vlaggetjes. De souvenir kraampjes zijn grotendeels gesloten. Net over de pas ligt het Gangtey Goenpa klooster. Gangtey Goenpa is een belangrijk boeddhistisch klooster en een van de oudste Nyingmapa-kloosters in Bhutan. Het klooster en de tempels is in 2008 gerenoveerd. Hierbij is het complex praktisch opnieuw opgebouwd. Op de binnenplaats lopen jonge monniken van amper twaalf jaar. Sommige zijn bezig met de afwas, anderen spelen in de slaapvertrekken. De vertrekken van de monniken liggen rond de indrukwekkende tempel Gangtey Goenpa. Ik ga de tempel binnen. De marmeren vloer voelt koud aan. Tot nu toe hadden alle tempels houten vloeren. Rondom staan afbeeldingen van Boeddha.
In het midden staan lange banken waar de jonge leerlingen het Boeddhisme leren. Achter het standbeeld van Guru Rinpoche bevindt zich een kleinere ruimte. Hier staat de stoepa waarin de overblijfselen liggen van de stichter van dit klooster. Het klooster van Gangtey Goenpa ligt in de Phobjikha-vallei. In deze vallei komen black neck kraanvogels overwinteren. Vanaf eind oktober komen de vogels vanuit de hooglanden van Tibet. In het informatiecentrum staat genoteerd dat vorige week drie vogels gesignaleerd zijn. Vanaf het uitkijkplatform speuren we de vallei af naar witte stipjes. Helaas zien we geen kraanvogels in het natuurgebied. We moeten het doen met twee opgevangen kraanvogels in een volière. Aan het einde van de middag komen we aan bij het hotel. De zon is al achter de bergen verdwenen en op 2900 meter hoogte daalt de temperatuur snel. In het hotel worden we ontvangen met thee. De tafelschikking staat al klaar voor het diner. Zo te zien zijn hier allen maar toeristen. We tellen dat er voor 29 gasten gedekt is in het restaurant. De hotelkamer is ruim, netjes en goed verzorgd. Dit is een prima accommodatie. Omdat het nog vroeg is, bestellen we een biertje bij de bar. Een Druk 11000 lokaal biertje. Wanneer we rond zeven uur aanschuiven bij het diner buffet, zijn de meeste tafels al bezet. Opvallend is dat ook vijf gasten alleen reizen. Dit lijkt mij daar niet zo’n bestemming voor. Het buffet is prima maar niet heel lokaal. Wanneer we het restaurant verlaten, zijn we de laatste gasten.