
Home > Sri Lanka > Sri Lanka en de Malediven > Reisverslag dag 2
20 oktober 2015 - 10 november 2015 (20 dagen)
Hoewel ik altijd moeite heb om goed te slapen in het vliegtuig, ben ik de afgelopen nacht verschillende keren een uurtje weggezakt. Om half twee word ik gewekt voor het ontbijt. Waarom zo vroeg? Het ontbijt blijkt meer een gewone maaltijd te zijn met zalm, vis en spaghetti. Ik eet er wat van, maar heb niet zoveel trek. Een paar minuten voor vijf zet het vliegtuig zijn wielen aan de grond op de Bandaranaike International airport. In het douane gebouw is de rij voor de immigratie redelijk kort.
Omdat ik mijn visa al via internet aangevraagd heb, verloopt dit ook snel. De douanier wenst mij een plezierig verblijf en geeft een welkomstcadeautje mee. Bij de bagageband wordt het wachten op de bagage. Mijn reistas komt snel, maar de tas van mijn reisgenote verschijnt niet. Als de medewerker bij de band duidelijk maakt dat alles geladen is, kan de conclusie alleen getrokken worden dat de koffer er niet is. Weer Italië! Bij de bagage claim noteren ze de gegevens. Hopelijk komt de koffer over twee dagen met de volgende vlucht van Srilankan Airlines uit Rome. Buiten tref ik Ajbriy (spreek uit als Allbrie). Hij heeft ruim tweeënhalfuur op mij staan wachten. Snel brengt hij mij naar de auto en rijdt mij naar Negombo. Onderweg zie ik het hectische straatbeeld dat mij vooral aan India doet denken. Ook de Sri Lankanen hebben qua uiterlijk iets Indiaas. Het onderkomen Villa Arajiry ligt net iets buiten het centrum. Gelukkig is de kamer al gereed. Ik merk dat ik behoorlijk gaar ben. Ik spreek af met Ajbriy om vanmiddag de stad in te gaan. Tot die tijd ga ik even op bed liggen.
Ik val direct in slaap. Als ik weer wakker word merk ik dat dit slaapje mij goed gedaan heb. Ik neem een douche en trek wat luchtige kleding aan. Ajbriy rijdt mij in de middag naar het centrum van Negombo. Zo op het eerste gezicht lijken alle straten in het centrum op elkaar. Ik spreek met hem af om half vijf terug te zijn bij de gele klokkentoren. In de straatjes gaan ik op zoek voor wat tijdelijke kleding omdat de koffer van mijn reisgenote er nog is. Ook bestel ik in een zaakje somosas, vis en kip verpakt in bladerdeeg. Ik wandel naar de lagune. Hiervan volg ik het kanaal dat de Nederlanders aangelegd hebben tijdens de koloniale tijd. Schoolkinderen zeggen mij verlegen gedag. Ik kom uit bij de grote St. Mary's Church. De grootste katholieke kerk van west Sri Lanka uit 1874. Als ik iets eerder dan het afgesproken tijdstip weer bij de klokkentoren aan kom, komt Ajbriy mij al tegemoet lopen. Hij rijdt mij terug naar het hotel. We spreken af morgen om negen uur voor een boottocht op het meer. 's Avonds ga ik eten in één van de restaurantjes in de nabijheid van het hotel. De Kings Cocunut wordt in de reisgids aangeschreven als een goed en gezellig restaurant. Dit klopt.