
Home > Saudi-Arabië > Bijzonder Saudi-Arabië > Reisverslag dag 5
8 - 23 oktober 2022 (16 dagen)
Om zeven uur zitten we aan een soort van eenvoudig ontbijt. We hebben een kopje thee en nemen er wat koekjes bij. Later stoppen we onderweg wel om iets meer te nuttigen. We zijn vroeg opgestaan voor de kamelenmarkt. In Buraydah wordt de grootste kamelenmarkt van het Midden-Oosten gehouden. Misschien is dit ook wel de grootste kamelenmarkt van de wereld. Kamelen zie je vooral in deze regio. Wanneer we aan komen rijden, zien we overal omheiningen met kamelen. Sommige dieren steken al nieuwsgierig hun kop door het hek. Er komt een vrachtwagen aangereden. Waarschijnlijk heeft de eigenaar een kameel gekocht. Met een takel hijst hij één van de kamelen in zijn truck. Het beest kermt van angst. De dieren in de andere onderkomens wacht waarschijnlijk binnenkort hetzelfde lot. Even verderop is het druk. Een grote groep kamelen ligt in het zand. Hun achterpoten zijn vastgebonden, zodat ze niet kunnen gaan staan. Verschillende mannen zijn bezig om beesten in verschillende vrachtwagentjes te tillen. De kamelen laten het gelaten gebeuren. Aan de rand van de markt is de geiten- en schapenmarkt. De beesten staan opeengepakt in de laadruimte van pick-up trucks. Wanneer ik een foto maak van de schapen in een laadruimte, wenkt de chauffeur mij. Hij drukt een klein kartonnen bekertje in mijn handen en schenkt Arabische koffie in. De schapen zijn van hemzelf voor de verkoop. Hij hoopt ongeveer 1.100 SAR, ongeveer 300 euro, per schaap te ontvangen. Er komen meer mannen aangelopen. We wachten de eerste vraag niet eens meer af en zeggen direct ‘Hollanda’. ‘Ah Hollanda’, klinkt het dan. De markt was een leuk begin van de dag. Snel tanken we de auto vol en gaan op weg naar Jubbah. We volgen een nieuwe en bijna kaarsrechte snelweg door de woestijn. Op de zesbaans-autoweg rijdt nauwelijks verkeer. Af en toe is er een eco-viaduct aangelegd. Borden geven aan dat deze viaducten bedoeld zijn om de kamelen over te laten steken.
Onder één van de viaducten is een politiecontrole ingericht. Meestal kunnen we bij de checkpoints gewoon stapvoets doorrijden, maar vandaag wordt iedere auto gecontroleerd. Rijbewijs en paspoorten. Of we toerist of business zijn en of het onze eigen auto is? Na een paar vragen kunnen we weer doorrijden. Met een maximumsnelheid van 140 km/pu en een rustige kaarsrechte snelweg schiet het lekker op. Rond elf uur passeren we de afslag naar Ha’il. Hier overnachten we vannacht. Wij rijden nog even door naar Jubbah. Bij een benzinestation stoppen we om wat drinken te kopen. Andere verkooppunten met frisdrank zijn schaars. Achter de gevel van het winkeltje blijkt een enorme supermarkt te liggen. We kopen direct brood en beleg voor de lunch. Ook nemen we eten mee voor het ontbijt morgenochtend. Tegen half één arriveren we bij de rotstekeningen van Jibal Umm Sinman. Het parkeerterrein is leeg. Zou het open zijn? We lopen door de deur het informatiecentrum binnen. In één van de kamertjes zitten twee mannen op een kleed. Kom binnen, kom binnen. Terwijl zij ons paspoort registeren en terloops alle visa bekijken, krijgen wij koffie en dadels aangeboden. We spreken met de gids af om over 15 minuten naar de rotstekeningen te lopen. Eerst gaan we lunchen bij de auto. Terwijl we net ons broodje belegd hebben, komt een auto aangereden. Het zijn Bas en Bert, dezelfde twee Nederlanders, die we gisteren tegenkwamen in Ushaiger. Wat een toevalligheid. Ondertussen rijdt onze gids in zijn auto weg. Hij roept iets dat hij binnen een half uur of één uur terug is. Dit konden we niet goed verstaan. Hier wachten we niet op. We besluiten zelfstandig het complex te gaan verkennen. Op de rotsen spotten we al snel de eeuwenoude tekeningen. Bij sommige tekeningen is een trap geplaatst, zodat de hogere tekeningen beter bekeken kunnen worden. Dit is de beroemdste rotskunstsite van Saudi-Arabië. De oudste tekeningen zijn 10.000 jaar oud. We volgen het pad en lopen rond de rotspartijen. Wanneer we weer bij het ontvangstgebouw zijn, besluiten we dat we genoeg gezien hebben. Ook aan de andere zijde van het gebouw zijn volop tekeningen. Het pad loopt nog honderden meters door. De gids is nog niet teruggekeerd wanneer we koers zetten naar Ha’il. Voor de tweede keer vandaag tanken we de auto vol. De Chinese SUV rijdt niet al te zuinig bij hoge snelheden. Gelukkig kost de benzine hier omgerekend maar zestig eurocent. Rond half vier rijden we Ha’il binnen. In de nabijheid van de citadel, willen we iets te drinken. Van buiten lijkt het restaurant gesloten, maar de deur is open. Wel hangt er een rolgordijn voor. Binnen worden we wat onwennig welkom geheten.
Het is niet helemaal duidelijk of ze open zijn of niet. Niemand spreekt Engels. We wijzen de drankjes aan in de koelkast en rekenen ze af. Tegenover het restaurant ligt de A’arif citadel strategisch op een rotspunt. De opgang ernaartoe is afgesloten met een ketting en er staat een bord met verboden toegang. Misschien is de citadel dicht? Bij de andere opgang staat wel een slagboom, maar staat niet dat het afgesloten is. We beklimmen de trap naar het kasteel. Het uit leem opgetrokken kasteel en de witte afwerking steken mooi af tegen de blauwe lucht. Ook hebben we zicht op de lagergelegen stad. In de stad ligt het al-Qishlah fort. Dit zogenaamde ‘modderfort’ is in 1940 gebouwd om de troepen te huisvesten, die de noordelijke grens moesten beschermen. Het fort wordt momenteel gerenoveerd en is niet toegankelijk. We wandelen een rondje om het fort. Het derde fort ligt bij de Barzan souq. De ruïnes van het Barzan fort zien we niet zo snel liggen, maar de souq wel. We wandelen tussen de winkeltjes door. Het is opvallend dat hier voornamelijk vrouwen rondlopen. Alle vrouwen zijn gekleed in een donkere nikab. Alle vrouwen in Saudi-Arabië zijn gekleed in een nikab of boerka wanneer ze op straat lopen. Contact met de gesluierde vrouwen is nauwelijks mogelijk.
Af en toe vraagt iemand aan Monique waar wij vandaan komen? Nieuwsgierig is iedereen. We verbazen ons over de luxe kledingwinkels. Kleurrijke dameskleding hangt in de winkels. Dragen de vrouwen dit thuis of in het bijzijn van alleen vrouwen? Deze winkels zijn een schril contrast met de naastgelegen winkels met enkel zwarte boerka’s. Aan het einde van de middag komen we bij het hotel. De receptionist adviseert ons een goed restaurant in het centrum. Dit blijkt het restaurant te zijn waar we vanmiddag waren. Da’s ook toevallig. Wij zien ook een leuk lokaal restaurant op loopafstand. Wanneer we aankomen is de deur nog gesloten. Een tiental mannen wacht voor de deur. Ze zijn vooral met hun telefoons bezig. Nog vijftien minuten wachten zeggen ze. Binnen lijken gasten hun maaltijd af te ronden. Vlak voor acht uur gaat het licht feller aan en de deur open. Wij mogen als eerste naar binnen. Het lijkt erop dat het restaurant nog niet geopend was en alleen plek bood voor medewerkers. De mannen voor de deur blijken voor de afhaalbalie te komen. Wij nemen plaats in een afgeschermde ruimte met lage muurtjes. We gaan zitten op het kleed. Ons hokje is tweeënhalf bij tweeënhalf en de muren zijn tot 1,20 opgetrokken. Een klein laag deurtje schermt onze ‘tafel’ af van het gangetje. Bij de kassa moeten we opgeven wat we willen eten. De menukaart aan de muur is enkel in het Arabisch.
We krijgen wat foto’s te zien op de telefoon van de jongen bij de kassa. Doe maar iets met kip, iets met kameel en een salade. Wanneer het eten gebracht wordt, blijkt het veel te veel te zijn. Zowel de kip als de kameel smaken voortreffelijk. Wat een leuke ervaring om zo te eten. Op de terugweg naar het hotel passeren we een grote chocolade-zaak. De kassier wenkt dat we binnen mogen komen. Al snel volgt de vraag waar we vandaan komen? Met Google Translate, volgt ook de vraag wat we van Saudi-Arabië en de mensen vinden? We krijgen een schaaltje met chocolaatjes aangeboden. Een present! We nemen een paar chocolaatjes, maar we moeten het hele schaaltje aanpakken. Er worden over en weer foto’s gemaakt. Wanneer we weg willen gaan, krijgen we nog enkele dozen met chocolaatjes en lekkernijen mee. Er valt niet te weigeren. Met twee tassen lopen we de winkel uit. Dit is te veel en we schamen ons een beetje. Dit kunnen we zelf nooit opeten. Ook kunnen we dit nauwelijks meenemen bij temperaturen boven de 35 graden. Op basis van de prijsstickertjes blijkt dat we voor ongeveer 20 euro aan zoetigheid meegekregen hebben. Wat een bijzondere gastvrijheid. Als kleine tegenprestatie lopen we nog even terug om een sleutelhanger met Nederlandse klompjes af te geven. Dit wordt zeer gewaardeerd.