
Home > Pakistan > De Hunza vallei in Pakistan > Reisverslag dag 6
30 augustus - 19 september 2024 (21 dagen)
Gisteren klaagde verschillende reisgenoten over de langdurige en luide oproep tot het gebed midden in de nacht. Zij waren verbaasd dat ik hier volledig doorheen geslapen heb. Ook vannacht was de oproep. Nu hoorde ik het wel, maar de oproep was veel zachter. Dit zou komen door een elektriciteitsstoring. Het elektriciteitsnetwerk is niet stabiel. Tot nu toe is iedere dag nog wel een keer de stroom uitgevallen. Meestal wordt dit binnen enkele minuten weer hersteld. Met alle kabels die langs en over de weg hangen is het niet verbazingwekkend dat hier iets mis gaat. Ik ben al voor de wekker wakker. Ik neem een douche. Ik draai de warme kraan open, maar het water blijft koud. Ik poets mijn tanden en scheer mij. Nog altijd koud water. Net wanneer ik het op wil geven en onder de koude straal wil stappen, wordt het water warm. Dit heeft wel ruim vijf minuten geduurd. Ik klaag niet. Bij het ontbijt blijkt niet iedereen even fit te zijn. Een reisgenoot heeft al een dag op bed gelegen en voor haar is de tocht van vandaag naar de Deosai hoogvlakte te zwaar. Zij zal twee dagen in het hotel in Skardu blijven. We rijden vandaag weer terug naar Skardu. Dezelfde route die we eergisteren gereden hebben. Ook van de andere kant is het uitzicht op de bergen en de vallei prachtig. Af en toe stoppen we voor een foto. Een versierde vrachtwagen komt voorbijrijden. Door een ongeval is de voorzijde ingedeukt. Ook de voorruit ontbreekt. De chauffeur zwaait door het open gat naar ons. Zolang een voertuig rijdt wordt het gebruikt. Rond het middaguur arriveren we weer in Skardu. In een restaurant bestellen we een lunch. Het uur dat uitgetrokken was voor de lunch blijkt niet voldoende.
Er is nog geen gerecht uitgeserveerd. Ik heb enkel een soep besteld. Even later geniet ik van een flink kom. Voordat we Skardu verlaten en de bergen in gaan, kunnen we nog inkopen doen bij een kleine supermarkt. Ik koop wat cola en water voor de komende dagen. Iets later dan gepland verlaten we Skardu. Al in de straatjes van Skardu stijgen we flink. In zo’n drie uur gaan we van 2.500 meter naar ruim 4.000 op het Deosai hoogvlakte. Na de Tibetaanse hoogvlakte is deze hoogvlakte het hoogste bergplateau ter wereld. Net buiten Skardu passeren we het Satpara Lake, een groot stuwmeer dat voor de drinkwatervoorziening en de elektriciteit van Skardu zorgt. Het blauwe water steekt mooi af tegen de steile bergen. De bergweg verder omhoog is smal en op veel plekken net breed genoeg voor één voertuig. Bij tegenliggers moet een plekje gevonden worden waar veilig gepasseerd kan worden. De spiegels passeren elkaar rakelings. Bij de entree van het Deosai National Park moet toegang betaald worden. Voor buitenlanders is dit twintig dollar. Hoewel de kans dat we de Himalaya beren zien uiterst gering is, staat het park bekend om de deze berensoort. Vanaf de ingang is het nog 16 kilometer tot de hoogvlakte zelf. Op de slechte rotsachtige bergweg kost dit al gauw één uur. We passeren opvallend veel tegenliggers. Veel mensen die waarschijnlijk voor een dagje naar de hoogvlakte zijn geweest. Ook betrekt de lucht naarmate we hoger komen.
Het begint te regenen. Door het geschut in de auto, moet ik nodig plassen. De chauffeur zegt dat het nog enkele minuten is tot de Ali Malik top. Snel ren ik naar het toiletgebouwtje, wanneer we arriveren. Dat het niet al te schoon is neem ik voor lief. De chauffeurs zitten in een ander hutje. Kom erbij, roepen ze wanneer ik door de deur kijk. Ze staan erop dat ik ga zitten en thee meedrink. Ik laat hun ondertussen foto’s van Nederland zien. Veel tijd om te stoppen hebben we niet. Het is nog één uur rijden over de hoogvlakte naar de Bara Pani campsite. Het is al na vijf uur en om zes uur gaat de zon onder. Rond dit tijdstip arriveren we bij de campsite. Kleine gekleurde tenten staan al klaar. Snel leg ik mijn matje, luchtbed en slaapzak gereed. Dit is makkelijker met nog een beetje avondlicht. De crew van de campsite heeft ondertussen een uitgebreid diner bereid. Er blijven maar schalen komen. Er is nauwelijks plaats op de tafel. Met een kop thee sluit ik na het eten aan bij het kampvuur. Nu de zon weg is, is het fris. Boven mij zie ik een heldere sterrenhemel. Een voorteken voor een koude nacht. Ik kruip vroeg mijn tent in. Ik trek mijn thermokleding aan en trek de slaapzak over mijn hoofd.