
Home > Algerije > Door de woestijn van Algerije > Reisverslag dag 10
8-22 november 2025 (15 dagen)
Om half één landen we op de luchthaven van Djanet. Lopend gaat iedereen naar het luchthavengebouw. Hier neemt iemand de paspoorten in van de buitenlanders. Het lijkt erop dat ik geen optie heb en geef ook mijn paspoort. Waarom is onduidelijk? Bij de bagageband is het chaotisch. Allerlei touragents lopen de ruimte in. Sommige halen stapeltjes paspoorten op. Het blijkt dat hiermee gegarandeerd wordt dat niemand zonder touroperator de woestijn in reist. Al snel verschijnt Salah. Hij is onze agent. Hij haalt onze paspoorten op. De bagage laat bijna twintig minuten op zich wachten. Er is toch maar een toestel op deze luchthaven? Gelukkig arriveert al onze bagage dit keer. Salah rijdt ons naar het hotel La Grotte des Ambassadeurs. Het is inmiddels twee uur wanneer we hier arriveren. Snel gaan we naar de kamer om te slapen. De volgende morgen staat het ontbijt gereed op de binnenplaats. Zo te zien is er net een grote groep vertrokken. De tafels worden afgeruimd. Voor ons staat een tafel voor vier gereed. Om tien uur ontmoeten we de crew voor de komende dagen. Een gids, een kok en twee chauffeurs. De bagage gaat in een voertuig, de foerage ligt achter in een pickup truck.
We verdelen ons over de twee auto’s. We rijden Djamet uit. Ibrahim, de gids, vertelt dat er ongeveer 20.000 mensen in Djamet wonen, maar dat er ook nog eens 15.000 militairen in dit gebied verblijven om de grenzen van Algerije met Libië en Niger te bewaken. Direct buiten het stadje rijden we over een asfaltweg de woestijn in. Links en rechts is voornamelijk zand en rotsen. We stoppen even bij een verkeersbord dat de splitsing aangeeft naar Libië of Niger. Een grappige keuze. We rijden vandaag naar het Tassili N'Ajjer National Park. Dit park bevindt zich grotendeels op Algerijnse grondgebied, maar loopt ook een stukje door tot in Libië. Tegen twaalf uur, rijden de chauffeurs de wagens van de asfaltweg een vallei in. Onder een boom wordt gepauzeerd. De crew bereidt de lunch voor ons. Tot die tijd wandelen we wat rond. De zon is niet zo heel scherp. Er hangt bewolking in de lucht. Hierdoor is het ook niet overdreven warm. Op de grond vinden we kleine ronde vruchten ter grootte van een tennisbal. Het lijken kleine watermeloenen. We spelen enkele potjes jeu de boule met de vruchten. Daarna is de lunch gereed. Groenten, vlees en salade. Na afloop is er thee. Zoete thee. De thee wordt met een hoge boog inschonken waardoor er schuim op de thee ontstaat. De schuimlaag voorkomt dat er zand of vliegen in de thee kunnen komen, wordt ons uitgelegd. De crew neemt de tijd. We vertrekken pas tegen twee uur. Dit geeft ons de gelegenheid om ook even lekker rustig aan te doen. Na de lunchonderbreking rijden we nog even door over de asfaltweg. Daarna slaan we af en rijden verder door het zand. De chauffeurs proberen het beste spoor te vinden. Soms creëren ze zelf een nieuw spoor. Ik had verwacht dat we over bestaande zandwegen door de woestijn zouden rijden. Om ons heen wordt de omgeving mooier en mooier. Alleen wordt het ook bewolkter. De zon laat zich niet meer zien. Ibrahim legt uit dat er drie ingangen zijn van het Tassili N'Ajjer National Park.
Je kunt de bergketen in het oosten doorkruisen, in het midden of in het westen. We nemen de midden route en zullen over vijf dagen via de oostzijde weer terug keren. Aan het einde van de middag gaan we op zoek naar een overnachtingsplek. Achter een rots uit de wind wordt het bivak opgebouwd. Ik krijg een tentje om op te zetten. Een pop-up tent. Ik maak de tent los en daarna klapt de tent vanzelf uit. Ik leg een matje en mijn bagage in de tent. De crew heeft ondertussen thee bereidt. Ook zijn er wat pinda’s. Wanneer de zon onder gaat, wordt het snel frisser. Ik trek een trui aan. Op een kampvuurtje wordt het avondeten klaar gemaakt. Wanneer ik ‘s avonds naar mijn tent ga, zie ik een prachtige sterrenhemel boven mij. Ik kan zelfs de melkweg onderscheiden.